Werken is waardevol. Niet alleen voor het inkomen, maar ook voor ervaring en kennis die daardoor wordt opgedaan en voor de sociale contacten via de werkkring. Wie werkt, vereenzaamt doorgaans niet. De SGP hanteert het uitgangspunt dat huishoudens in eerste instantie zelf verantwoordelijk zijn voor hun eigen levensonderhoud, inclusief de taakverdeling waarmee dat bereikt wordt. De arm van de overheid mag niet zover strekken dat de (financiële) druk op gezinnen met kinderen zo groot wordt, dat beide partners (bijna) fulltime moeten gaan werken om rond te kunnen komen. De overheid moet óók de zegeningen tellen van de grote maatschappelijke verdiensten van mensen zonder betaalde arbeid, zoals vrijwilligerswerk, mantelzorg en de opvoeding van kinderen.
- In een gezin zijn man en vrouw samen verantwoordelijk voor elkaar en voor hun kinderen. Hun eventueel gezamenlijke arbeidsparticipatie mag niet ten koste gaan van de zorg voor kinderen of mantelzorg. De overheid houdt daar in haar beleid rekening mee.
- Door het opvangen van de kosten van de vergrijzing is het van belang dat mensen, als ze dat kunnen en willen, meer gaan werken. De norm zou weer 40 uur per week moeten worden. Deze norm kan behaald worden door het verrichten van betaalde én onbetaalde arbeid, zoals vrijwilligerswerk en mantelzorg.
- De marktsector reageert sneller en heftiger op de nieuw ontstane economische situatie dan de collectieve sector. Daardoor is het mogelijk de loonruimte van de collectieve sector te beperken. Als gevolg daarvan is het ook eenvoudiger loonmatiging in de marktsector langer vol te houden. Dit is cruciaal voor het behoud van banen en voor de concurrentiepositie van de Nederlandse economie.
- Er komt één duidelijke ontslagprocedure, die bovendien sterk vereenvoudigd en verkort wordt. Er komt een wettelijke regeling voor het bepalen van de hoogte van de ontslagvergoedingen.
Door de economische crisis zijn veel organisaties (tijdelijk) in moeilijkheden geraakt. Normaal gesproken zijn reorganisaties dan onvermijdelijk. Om te voorkomen dat ondernemingen met een tijdelijke dip te veel mensen moeten ontslaan, blijft de deeltijd-WW gedurende de crisis behouden voor bedrijven die voldoende gezond zijn. Het verlengen van deeltijd-WW moet onverlet laten dat waar mogelijk actief wordt gezocht naar overplaatsing van werknemers naar andere sectoren.
- De overheid moet er strikt op toezien dat werkgevers voldoende aandacht besteden aan het voorkómen van gezondheidsrisico’s.
- De levensloopregeling wordt afgeschaft, omdat deze slechts door een zeer beperkt aantal mensen wordt gebruikt en dan ook nog meestal door hen die relatief meer te besteden hebben. Mensen die gebruik maken van de levensloopregeling zijn over het algemeen voldoende in staat om zelf maatregelen te nemen voor een betere verdeling van arbeid en zorg over hun levensloop. Bovendien leidt de herziening van het belastingstelsel dat de SGP voorstaat tot veel betere combinatiemogelijkheden van arbeid en zorg. De door veel mensen gebruikte spaarloonregeling blijft wel bestaan.
|