Standpunten

A B C D
E F G H
I J K L
M N O P
Q R S T
U V W X
Y Z
zoeken
Home   |  Standpunten
printen   |   doorsturen          Inloggen
S
ScheepsbouwSchipholSchooluitvalSeculiere moraalSeksualiteitShariaSociale vlaktaksSociale zekerheidSoftdrugsStaatsschuldStamcellenStartersStrafmaatStrafrecht en zeden

Strafmaat

De overheid heeft de bijzondere opdracht om kwaad in de samenleving te bestrijden. Wanneer er geen of weinig straf gegeven wordt, dan blijkt het voor misdadigers lonend te zijn om hun ‘beroep’ voort te zetten. De SGP wil daarom een strafklimaat dat meer aansluit bij de ernst van de gepleegde misdrijven. Ook stelselmatige daders van ‘kleine criminaliteit’ lopen vrijwel meteen weer vrij rond. Het is abnormaal wanneer een moordenaar na enkele jaren gevangenisstraf vrij komt. Het is ongewenst wanneer de straf ook nog eens verkort wordt door de vervroegde invrijheidsstelling na tweederde van de uit te zitten straf. Dat is niet alleen fnuikend voor het rechtsgevoel van burgers, maar ook voor degenen die zelf betrokken zijn bij de opsporing van strafbare feiten. Snelle rechtspraak - zo mogelijk dicht bij de burger – en strenge straffen zijn van groot belang om het gezag van de rechtsprekende macht te handhaven.

  • Er dient een verhoging te komen van de strafmaat, vooral voor zeden- en geweldsdelicten. Er moet meer zicht komen op de precieze hoogte van de opgelegde straffen. Van de straf dient een afschrikkende werking uit te gaan. Te vaak wordt volstaan met voorwaardelijke straffen, taakstraffen of korte gevangenisstraffen. Strengere straffen zijn daarom nodig.
  • De verjaringstermijn waarna ook zeer ernstige delicten niet meer vervolgd kunnen worden, moet vervallen. De ernst van delicten als moord, doodslag of zedenzaken, mensenhandel en terroristische misdrijven laat het niet toe dat vervolging achterwege blijft.
  • De voorwaardelijke vervroegde invrijheidsstelling nadat tweederde van de straf is uitgezeten, wordt afgeschaft. Nu er sprake is van een overschot aan cellen is er immers ook geen praktische reden meer om de straf te verkorten.
  • Er dient zorg voor te worden gedragen dat in gevangenissen geen zedelijk schadelijk materiaal als (kinder)porno aanwezig is. Streng toezicht op het downloaden of verspreiden van dergelijk materiaal is noodzakelijk. Het bezit en gebruik van drugs wordt eveneens streng aangepakt en zeker de handel in drugs vanuit de gevangenis.
  • Stelselmatige daders van ‘kleine criminaliteit’ moeten veel langer worden vastgehouden en via een apart traject worden begeleid om kans op herhaling te verminderen. De gepleegde delicten moeten worden bestraft als één groot delict.
  • Geweld en agressie tegen publiek personeel moeten strenger bestraft worden dan wanneer het gebeurt bij anderen, omdat hierbij het gezag van de overheid in het geding is.
  • Een taakstraf kan alleen opgelegd worden bij lichte vergrijpen. Bij zeden- , levens- en geweldsdelicten en bij terroristische misdrijven kan niet volstaan worden met alternatieve straffen. Dat geldt evenzeer bij recidive. In dergelijke gevallen dient altijd sprake te zijn van tenminste een onvoorwaardelijke vrijheidsstraf.
  • Daders van zedendelicten mogen geen tbs ontlopen door niet mee te werken aan psychologisch onderzoek. Bij zulke delicten moet de gevangenisstraf waar nodig altijd vergezeld gaan van tbs.
    Er is geen reden om voor levenslange gevangenisstraffen een vast moment van heroverweging in te voeren. Een dergelijk moment roept óf ongerechtvaardigde verwachtingen op bij de veroordeelde, óf miskent de ernst van de vaak meervoudige misdrijven.
  • Voor uitzonderlijk ernstige en onomstotelijk bewezen gevallen van (meervoudige) moord, zoals oorlogsmisdaden en terroristische aanslagen, moet het weer mogelijk zijn om de doodstraf te overwegen.
  • Er dienen ruimere mogelijkheden te komen voor DNA-onderzoek bij verdachten in strafzaken. Dit onderzoek mag ook toegepast worden bij verwanten van de verdachte en om de identiteit vast te stellen van een onbekend slachtoffer.
  • Gevangenen dragen zelf bij in de kosten die verbonden zijn aan het verblijf in de gevangenis.
    Gedurende de hoger beroepfase worden contact- en gebiedsverboden niet opgeschort.

A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z
Selecteer hier andere SGP-websites
> Verk.Programma
> Tien speerpunten van de SGP