Standpunten

A B C D
E F G H
I J K L
M N O P
Q R S T
U V W X
Y Z
zoeken
printen   |   doorsturen          Inloggen
31 - 03 - 10  |   SGP: Taal en rekenen op niveau

 
SGP: Taal en rekenen op niveau

Resultaten voor taal en rekenen moeten beter. Er worden daarom niveaus vastgesteld voor taal en rekenen bij de drempels tussen schoolsoorten. De SGP vindt dat de didactische vrijheid van scholen gegarandeerd moet zijn. Referentieniveaus moeten een hulpmiddel zijn, niet een knellend keurslijf.


Referentieniveaus taal en rekenen
Van der Vlies
31 maart 2010

Vertrouwen in scholen is onmisbaar als we kwaliteit willen garanderen. Die constatering is geen overbodige luxe als we letten op het dossier taal en rekenen. De broodnodige aandacht voor taal en rekenen gaat namelijk gepaard met een toenemende sturing en een behoefte aan beheersing. Het is maar de vraag of die ontwikkeling het beoogde resultaat heeft. Vertrouwen is juist nodig wanneer we het vermoeden hebben dat er sprake is van een neerwaartse trend in de resultaten. De SGP-fractie heeft eigenlijk nog geen antwoord gehad op de vraag hoe het nu komt dat scholen in het verleden met minder sturing hogere resultaten hebben bereikt, terwijl de regering dit juist door meer sturing wil bereiken. Dat klemt temeer daar de regering in de Nota naar aanleiding van het verslag stelt dat het wetsvoorstel bedoeld is om een daling te voorkomen, om te anticiperen dus. Misschien wil de staatssecretaris hier nog eens over uitweiden.

De SGP-fractie heeft de vraag gesteld in hoeverre er met dit wetsvoorstel sprake is van een onderwijsvernieuwing. Dat lijkt op het eerste gezicht misschien onnozel; het gaat namelijk simpelweg om het vaststellen van feitelijke niveaus. En laat het duidelijk zijn: volgens de SGP-fractie hoeft er van onderwijsvernieuwing geen sprake te zijn. Toch baart de ambitie van de regering zorgen, bijzonder de inkleuring met het opbrengstgericht werken. Zo zei staatssecretaris Dijksma in het overleg van 9 december: “Opbrengstgericht werken vraagt een andere manier van kijken naar kinderen en van kijken naar jezelf.” Dat is een opmerkelijke zin, die nogal wat implicaties heeft. Tijdens de hoorzitting bleek ook wel dat er de nodige didactische haken en ogen zijn. Natuurlijk vindt de SGP-fractie ook dat we in het onderwijs doelgericht moeten werken. Maar het is een illusie dat we dit met cijfers helemaal in de vingers hebben. Tijdens de behandeling van het wetsvoorstel goed, onderwijs, goed bestuur heb ik daar uitgebreid aandacht aan besteed. Graag ontvang ik een nadere toelichting op de koers van de regering.
 De rol van de Inspectie is in dit wetsvoorstel niet onbelangrijk. Er bestaat wat dat betreft nog veel onduidelijkheid. Belangrijkste vraag is hoe het toezicht op de implementatie van referentieniveaus gecontroleerd gaat worden. In de Nota naar aanleiding van het verslag wordt bijvoorbeeld vermeld dat de Inspectie gaat controleren of de lesmethoden dekkend zijn voor de referentieniveaus. Zelfs als dit pas zou gebeuren na analyse van leerresultaten blijft dit een vergaande bevoegdheid, gezien het detailniveau van de referentieniveaus. Welke extra verantwoordingslast gaat bovendien voor scholen ontstaan om aan te tonen dat hun onderwijsaanbod afgestemd is op de referentieniveaus? Graag een toelichting. De SGP-fractie is in ieder geval geen voorstander van deze implementatierichting.

De SGP-fractie steunt de ontwikkeling en toepassing van referentieniveaus in het onderwijs. Als het maar even kan, zou mij fractie dus ook het wetsvoorstel willen steunen. Het verbeteren van de doorlopende leerlijn is belangrijk. Referentieniveaus zijn hoofdzakelijk nodig om de overgangen tussen schoolsoorten vloeiender te laten verlopen. Drempels moet geen obstakels zijn. In deze context kan de SGP-fractie de opmerking van de regering niet helemaal plaatsen dat referentieniveaus nodig zouden zijn omdat scholen niet meer uit de voeten kunnen met de bestaande kerndoelen. Die zouden te vaag zijn voor de inrichting van het onderwijs. Volgens de SGP-fractie is het probleem vooral dat de niveaubeschrijving bij de scharnierpunten tussen de schoolsoorten onvoldoende duidelijk is. Graag een toelichting.

Voor de SGP-fractie is de wijze van uitwerking van de referentieniveaus van cruciaal belang. De referentieniveaus zouden verwerkt moeten worden op het niveau van de eindtoetsen en eindexamens, in tegenstelling tot het niveau van het onderwijsproces. Deze werkwijze leidt ook tot het beoogde resultaat, maar voorkomt een hoop problemen en negatieve gevolgen. Wanneer de toetsen en examens zijn toegesneden op de referentieniveaus zal het onderwijsproces zich daar vanzelf aan aanpassen. Dat werkt nu ook al zo. Uiteraard moet daar een fatsoenlijke invoeringstermijn voor gelden. Graag verneem ik de reactie van de staatssecretaris hierop. 

De verhouding tussen kerndoelen en referentieniveaus die door dit wetsvoorstel ontstaat, verdient geen schoonheidsprijs. Beide hebben de status van een wettelijke voorschrift en beide worden dus als zodanig door de Inspectie getoetst. Maar omdat de Inspectie met de inhoud van de referentieniveaus natuurlijk beter uit de voeten kan, worden de kerndoelen eigenlijk buiten spel gezet. De regering heeft deze concurrentie proberen te vermijden door de referentieniveaus als uitwerking van de kerndoelen te beschouwen. Inhoudelijk is dat natuurlijk evident, maar wanneer we letten op de verwoording in de wetstekst wordt het lastig. De opzet van het referentiekader sluit voor taal bijvoorbeeld niet bepaald naadloos aan bij de verwoording in het Besluit kerndoelen WPO. Wie de structuur van het referentiekader beziet, herkent in het de kerndoelen niet echt gemakkelijk de basis. De kerndoelen zouden, met behoud  van het huidige abstractieniveau, opnieuw geformuleerd moeten worden. De kerndoelen wordt dan eigenlijk gedistilleerd uit het referentiekader. Deelt de regering deze conclusie?

Het standpunt van de regering over diagnostische toetsen heeft de SGP-fractie  verbaasd. De regering stelt terecht dat de keuze van methoden en pedagogische benaderingen, zoals diagnostische toetsen, aan de scholen is. De overheid bepaalt enkel het ‘wat’. Merkwaardig genoeg geeft de regering aan zich nu aan dit uitgangspunt te willen houden, maar in de toekomst mogelijk niet meer. Zij creëert daarom nu alvast een grondslag om diagnostische toetsen te kunnen verplichten. De SGP-fractie heeft een amendement ingediend om dit ongedaan te maken. Graag reactie hierop.

Ten aanzien van de kerndoelen bestaat voor bijzondere scholen de mogelijkheid om alternatieve kerndoelen vast te stellen. Van die mogelijkheid wordt ook gebruik gemaakt. Omdat de referentieniveaus dezelfde wettelijke status hebben als de kerndoelen zou die mogelijkheid ook hier moeten bestaan, vooral ook omdat de referentieniveaus veel omvattender zijn. De SGP-fractie kan zich voorstellen dat scholen bijvoorbeeld op het gebied van taal en literatuur bezwaren hebben. De formele bevoegdheid om alternatieven vast te stellen dient dan te bestaan. Uiteraard gelden daarvoor dezelfde vereisten als bij de kerndoelen. Wil de regering dit alsnog regelen?

 

terug >>


Selecteer hier andere SGP-websites
> Tweede Kamer
> Video opendag
> Partij
> Wetenschappelijk Instituut
> SGP-jongeren
> Archief