HomeActueelMotie Schalk aangenomen over verkiezing Eerste Kamer

Motie Schalk aangenomen over verkiezing Eerste Kamer

Publicatiedatum: 8 nov. 2019 | Eerste Kamer

De Motie Schalk (SGP) over opschorting van het wetgevingsproces met betrekking tot de verkiezing van de Eerste Kamer is vandaag aangenomen. Alleen VVD, D66 en PVV stemden tegen, dat betekent dat 51 leden van de Eerste Kamer de motie steunden, en 24 leden tegen stemden.

Schalk had dit onderwerp aangekaart tijdens de algemene beschouwingen in de Eerste Kamer. Zijn oproep was aan het kabinet om eerst te wachten totdat het eindrapport van de Staatscommissie parlementair stelsel door beide Kamers der Staten Generaal zouden zijn besproken. Om vervolgens te bepalen welke aspecten van het parlementaire stelsel om aanpassing vragen.

“Het wetsvoorstel dat nu in voorbereiding is lijkt vooral een anti-Forum-wet. Ik vind het namelijk frappant dat, nadat FvD plotseling met 12 zetels in de Eerste Kamer kwam, er met grote haast een wetsvoorstel in consultatie is gegeven.”

“Extra schrijnend aan dit wetsvoorstel vind ik dat het komt nadat eerst de mogelijkheid van lijstverbinding is geëlimineerd. Vervolgens is besloten om te blijven werken met grootste gemiddelden bij de toewijzing van zetels. Beide maatregelen zijn vooral gunstig voor grote partijen. Kleine partijen hebben naast dit nadeel ook te maken met een grotere kiesdeler als besloten wordt om gedeelten van de Kamer te kiezen, en dat om de drie jaren. Dat kan, in samenhang met de eerder genoemde maatregelen, leiden tot het einde van kleine partijen in de Eerste Kamer. Dat is vanuit democratisch oogpunt zeer ongewenst”.

“Ik ben heel blij dat deze motie zo breed gesteund wordt in de Eerste Kamer. Hopelijk zal het kabinet dit signaal op waarde schatten”.

Motie-Schalk (SGP) c.s. over opschorting van het wetgevingsproces met betrekking tot de verkiezing van de Eerste Kamer.
In deze motie wordt de regering verzocht om de nu reeds lopende consultatieronde met betrekking tot een voorstel tot grondwetswijziging, dat de zittingsduur van de Eerste Kamerleden en de tweede lezing van de grondwetsherziening betreft, af te ronden en vervolgens te wachten met voortgaande stappen, zowel in de adviesaanvraag bij de Raad van State als bij het verdere wetgevingsproces, in ieder geval tot het moment dat in beide Kamers het debat is gevoerd over het eindrapport van de Staatscommissie Parlementair Stelsel.