HomeActueelPeter Schalk: Eerste Kamer moet haar rol pakken

Peter Schalk: Eerste Kamer moet haar rol pakken

Publicatiedatum: 5 feb. 2020 | Eerste Kamer

De Eerste Kamer vergaderde dinsdag over de uitkomsten van het onderzoek van de commissie Remkes naar het parlementaire stelsel. Lees hieronder de bijdrage van SGP-senator Peter Schalk.

Vandaag hebben we het over het klimaat. Niet over de warme januarimaand, waardoor de narcissen in mijn woonplaats al een paar weken bloeien, maar over de verkilling in het maatschappelijke klimaat. Over dat knagende gevoel van mensen dat ze geen grip meer hebben op hun land, hun leven, hun toekomst.

Hoe komt dat? En wat is ons antwoord? Voor die vragen staan we vandaag! Want er verandert wezenlijk iets. De Staatscommissie-Remkes heeft de trends geduid: bevolkingsgroei, toegenomen welvaart, grotere etnische heterogeniteit, massale toetreding vrouwen op de arbeidsmarkt, verminderde betekenis van ideologische verschillen en religie, afscheid van de verzuilde samenleving, toenemende betekenis van identiteit, internationalisering en digitalisering.

Wat een rij! En daar is meer aan toe te voegen. Allerlei ontwikkelingen die iets met ons doen. Ze hebben allen invloed op onze samenleving, en dus op ons parlementaire stelsel. Afhankelijk van onze voorkeuren wrijven we de handen in elkaar of zitten we met onze handen in het haar. Wat voor de een vooruitgang is, betekent voor de ander teloorgang van waarden en normen.

Mijn partij, de SGP, geeft in haar naamgeving de voorkeuren al aan: Staatkundig en Gereformeerd, dat zijn de kernwoorden voor deze partij. Laat ik duiden wat daarmee onder woorden wordt gebracht vanuit de beginselen van de SGP. Allereerst een belijdenis: God de Heere regeert! En, God heeft ons een overheid gegeven, ten goede! Die overheid zien wij als dienares van God, gegeven om chaos en anarchie te voorkomen.

In een democratische rechtsstaat is deze gedachtegang van cruciaal belang. Zonder rechtsstaat geen democratie, en zonder democratie geen rechtsstaat. Dat betekent dat we wel heel zorgvuldig moeten omgaan met die democratische rechtsstaat. Ook de Staatscommissie beklemtoond dat. De naam van het rapport spreekt boekdelen: Lage drempels, zeker, om het zoute water nog door te laten. Oftewel, om de invloeden van de tijd op het stelsel te laten inwerken. Maar ook hoge dijken, ter bescherming van diezelfde rechtsstaat. Een democratische rechtsstaat die haar oorsprong vindt in de Acte van Verlatinghe, getekend in 1581, een onafhankelijkheidsverklaring in reactie op de tirannie van de koning van Spanje.

Helaas heeft ons land vaker gezucht onder tirannie. Niet voor niets is er in de Handelingenkamer van dit Huis een half lege plank, die ons eraan herinnert dat er 5 jaar lang geen democratische rechtsstaat was, maar overheersing. Dit jaar vieren we 75 jaar bevrijding! En daarmee vieren we ook 75 jaar onafgebroken democratie in Nederland. Iets om dankbaar voor te zijn, en iets om te bewaren en te bewaken.

In dat licht kijkt mijn fractie naar het rapport van de Staatscommissie Parlementair Stelsel, en ook naar het eerste deel van de Kabinetsreactie daarop. En we zien uit naar het tweede deel.

  • Kan de minister aangeven wanneer dat 2e deel wordt verwacht? En kan hij aangeven waarom het zo lang moest duren?

De Staatscommissie heeft een zeer compleet verhaal neergelegd. De waarden van de democratische rechtsstaat, het parlementaire stelsel, de duiding van de maatschappelijke werkelijkheid, de levende democratie door alle mogelijke vormen van inspraak van de burger en van het parlement; complimenten daarvoor! Het is niet alleen een helder overzicht, maar het geeft ook goed weer hoe een en ander werkt, en waar eventueel de schoen wringt. Dat leidt tot conclusies en aanbevelingen.

Voor ons is het nu de kunst om te bezien wat we daarmee moeten doen, maar ook wat we niet moeten doen, selectief winkelen. Want dat lijkt wel het geval te zijn. Immers, terwijl dit rapport nog niet eens was besproken in de Tweede en vervolgens in de Eerste Kamer, was er al wel met verwijzing naar het rapport wetgeving in voorbereiding over een belangrijk onderdeel van de democratische rechtsstaat, namelijk de Eerste Kamer.

Velen in deze Kamer waren op zijn minst onaangenaam verrast toen net na de verkiezingen van de PS en vervolgens van de EK er een wet in consultatie werd gegeven die de verkiezing van de EK terugbrengt naar de vorige eeuw, namelijk naar 1983. Vz, mijn fractie kan zich niet aan de indruk onttrekken dat dit als een soort anti-Forum-wet moet worden gezien. Een plotselinge opkomst van een nieuwe partij, die op een haar na de grootste werd in de Eerste Kamer.

Symptomatisch: er gebeurt iets in de samenleving, en de regering gaat dat probleem even technocratisch te lijf.

  • Mijn vraag aan de minister is: waarom kiest de regering voor deze route?
  • Is de minister het met mijn fractie eens dat daarmee eigenlijk een krachtig signaal van de burger half gesmoord wordt?

In ieder geval was de SGP geen voorstander van indienen en behandelen van een wetsvoorstel voordat een gedegen gesprek over het rapport Remkes heeft plaats gevonden. Daarom de motie-Schalk, waar staatsrechtelijk van alles over te zeggen is, maar die desondanks door meer dan 2/3e deel van de Eerste Kamerleden werd ondersteund.

  • Hoe duidt de regering dit krachtige signaal?

En ik dank de minister en de regering dat zij in ieder geval deels gehandeld heeft naar het dictum van de motie Schalk. In die motie is gevraagd om het wetgevingsproces te stoppen, totdat er een debat over het rapport is geweest. De motie heeft overigens ruimte gelaten voor het afhechtten van de internetconsultatie en van de consultatie die destijds liep onder de Provinciale Staten.

  • Kan de minister toezeggen dat de beide consultaties inzichtelijk worden voor deze Kamer?

De motie Schalk was niet nodig geweest als de regering gehandeld had naar haar eigen woorden in het eerste deel van de kabinetsreactie, over een gedifferentieerde benadering, en ik citeer: “De inzet van het kabinet is om in de huidige kabinetsperiode concrete stappen te zetten op het pad van deze modernisering. Tegelijkertijd hecht het kabinet ook aan zorgvuldigheid in dit proces. Daarin past het voornemen de dialoog met de samenleving en directbetrokkenen over deze agenda te blijven voeren juist wanneer de voorstellen verder worden uitgewerkt”. (Einde citaat)

  • Kan de minister aangeven hoe een stap terug naar 1983 recht doet aan modernisering?
  • Hoe kijkt de regering aan tegen de gevolgen voor kleine partijen?
  • Hoe duidt de minister het wetgevingsproces in het licht van de toegezegde zorgvuldigheid in het proces en de dialoog met de samenleving en directbetrokkenen?
  • Op welke wijze wil de regering in zijn algemeenheid de dialoog aangaan met berokkenen op de thema’s die aangereikt zijn vanuit de Staatscommissie?

De fractie van de SGP denkt dat het van belang is om keuzes te gaan maken uit wat de Staatscommissie heeft opgebracht. In de samenvatting van het rapport Lage drempels, hoge dijken staan 36 aanbevelingen voor de verbetering van de Democratie, 23 aanbevelingen om de democratische rechtsstaat weerbaarder te maken, en 24 aanbevelingen om het parlement te versterken. Oftewel, 83 aanbevelingen. Onmogelijk om ze in kort tijdsbestek te bespreken. De Staatscommissie heeft een top 7 geformuleerd.

  • Kan de minister aangeven welke onderdelen van deze top 7 passen bij wat de regering van plan is te gaan doen?
  • En op welke wijze wil de regering in de toekomst juist in samenspraak met beide Kamers komen tot gerichte keuzes uit de aanbevelingen?

Mijn fractie wil vandaag ook de hand in eigen boezem steken. Een belangrijk element van de werkzaamheden van de Eerste Kamer is de constitutionele toetsing, en het waken over de Grondwet. De Grondwet heeft meer aan hoge dijken dan aan lage drempels. Toch leert de praktijk dat partijpolitiek en of het regeerakkoord af en toe prevaleren boven de rechtstatelijke eis om de Grondwet hoog te houden. Ik kan zomaar enkele voorbeelden noemen waar, alle waarschuwingen van de Raad van State ten spijt, de Grondwet aan de kant werd geschoven.

Vandaag is het debat gericht op de minister, maar deze les zou ik wel willen trekken voor de Eerste Kamer: laten we ons nadrukkelijk bezinnen op de taak van de Eerste Kamer waar het gaat om de constitutionele toetsing. Ik zou graag de mening van andere fracties hierover horen, en ik zou willen voorstellen om een (wellicht tijdelijke) commissie in het leven te roepen die zich over deze specifieke problematiek buigt.

Maar voorzitter, dit debat moet verder gaan dan alleen een reflectie op de Staatscommissie en het handelen van de regering. Er is immers de vinger gelegd bij de zere plek van de tekortschietende inhoudelijke representatie. De Staatscommissie koppelt dat aan de tweedeling in de samenleving. In deze Chambre de reflection past een diepere duiding: het gaat fout met het gevoel van representatie als de regering maar raak regeert, zonder te luisteren naar signalen uit de samenleving. Het gaat fout met de representatie als het parlement bezig is met zichzelf, denk aan de integriteit van ons als Kamerleden.

Het gaat fout als het empatisch vermogen van ministers of staatssecretarissen smoort in de bureaucratie. Ik denk aan zwartgelakte teksten aan burgers die in de kou staan.
Het gaat fout als het cement in de samenleving afbrokkelt. En zonder nostalgisch te willen zijn, of een geestelijke dwang op te leggen: maar ook deze Staatscommissie legt de vinger bij de ontzuiling en ontkerkelijking. Daarmee gaan, afgezien van het afhankelijke dienen van God, ook de gezamenlijk gedeelde waarden afbrokkelen. En iedereen die wel eens heeft staan krabbelen aan een oude muur, weet dat daardoor de stenen los komen te liggen van elkaar. Dat leidt tot individualisering, ernstiger, tot bittere eenzaamheid. Wat is ons antwoord?

  • Op welke wijze gaat de regering, maar ook het parlement, ook deze Eerste Kamer, de signalen opvangen en daadwerkelijk omzetten in gedragen beleid?

Ik begon met het klimaat. Nou, de aarde is misschien aan het opwarmen, de narcissen staan al vroeg in bloei. Maar het maatschappelijk klimaat verkilt. Wel hete hoofden, maar koude harten. De onderlinge samenhang verschrompelt. Onze democratische rechtsstaat staat onder druk als wij, mensen, ons van elkaar afkeren.

Het is prima als we een aantal maatregelen van de Staatscommissie over bijvoorbeeld politieke partijen, zorgvuldiger omgang met decentralisaties, kritischer benadering van Europese besluitvorming, expliciete aandacht voor constitutionele zaken etc, ter hand nemen en ten uitvoer gaan brengen. Maar laten we daarbij in het oog houden dat de menselijke maat niet bereikt wordt door een andere kiesstelsel, door een aangepaste grondwet, door een sterker parlement. Maar wel door de gaven die genoemd worden in een van de weergaloos mooie boeken die Paulus schreef. U kent ze vast wel: het gaat om gaven als barmhartigheid, liefde, vrede, lankmoedigheid of geduld, goedheid. Oftewel, werkelijk oog hebben voor de ander.

Als deze gaven ons sieren, dan zal dat de samenleving verwarmen. Dan ontstaat echte relatie. Daarmee is onze democratische rechtsstaat het meest gediend!