HomeActueelSGP op bres voor Asia Bibi en haar advocaat

SGP op bres voor Asia Bibi en haar advocaat

Publicatiedatum: 5 nov. 2018 | Tweede Kamer

Vorige week werd de Pakistaanse christin Asia Bibi, die acht jaar lang in een dodencel zat om te worden opgehangen, uiteindelijk toch vrijgesproken van belediging van de profeet Mohammed. Dat leidde tot heftige rellen in Pakistan, als gevolg waarvan Asia Bibi alsnog in de cel zit. Een ander gevolg was dat haar advocaat hals over kop moest vluchten. Hij is nu zelf doelwit geworden van fanatieke moslims.

SGP-voorman Kees van der Staaij bracht de kwestie van Asia Bibi, en nu ook haar advocaat, in tijdens een overleg van de Tweede Kamer over het mensenrechtenbeleid. Voor mensen die gevaar lopen voor lijf en leden, moet in Nederland ruimte zijn. Ook andere aspecten van het mensenrechtenbeleid passeerden de revue in het overleg met minister Blok van Buitenlandse Zaken.


Hieronder de bijdrage van Kees van der Staaij

Ieder mens en ieder mensenleven is waardevol en verdient bescherming.
De Bijbel is daar ondubbelzinnig over: “Doet recht de arme en de wees, rechtvaardigt den verdrukte en den arme,” zo luidt Psalm 82:3.
Het is daarom goed dat we vanavond dit overleg hebben. Ik beperk me vandaag tot 3 specifieke thema’s:
- Godsdienstvrijheid
- Kinder- en gezinsrechten
- Het EHRM

Godsdienstvrijheid
Afgelopen woensdag werd de Pakistaanse christin Asia Bibi vrijgesproken van godslastering. Dat was reden voor grote dankbaarheid.
Direct daarop volgen echter gewelddadige protesten van extremistische moslims. Deze protesten maakten niet alleen pijnlijk zichtbaar hoe groot de haat tegen christenen in Pakistan is, maar leidde ook tot afspraken over herziening van de zaak. Dit betekent dat Asia Bibi op dit moment haar leven nog altijd niet zeker is.

- Op welke manier kan en gaat de minister bevorderen dat Bibi alsnog in veiligheid gebracht kan worden?
- Is de minister bereid de wenselijkheid te onderzoeken van een VN-resolutie om Pakistan om deze gang van zaken te berispen?
- Wat kan Nederland, bijvoorbeeld via het ShelterCity-programma, betekenen voor mensenrechtenverdedigers zoals Bibi’s in NL verblijvende advocaat al-Maluk?

De situatie van Bibi onderstreept hoe belangrijk het is dat godsdienstvrijheid een van de speerpunten is binnen het huidige mensenrechtenbeleid.
En hoe belangrijk het is dat Nederland op tal van manieren aandacht vraagt voor verdrukten, onder meer via de Mensenrechtenambassadeur, organisaties als Mensen met een Missie, en speciale gezanten bij de EU en de VN.

- Worden mensenrechtenclausules in Europese handelsverdragen met bijv. China, India en Saoedi-Arabië op dit moment voldoende nageleefd, of is aanscherping nodig?

Kinder- en gezinsrechten

Voorzitter, een ander aangelegen thema is dat van kinder- en gezinsrechten.

De SGP vind het terecht dat de regering aandacht besteed aan de achterstelling van, en geweld tegen, vrouwen en meisjes.
Verdrietig genoeg zijn zij te vaak slachtoffer van discriminatie en fysiek of seksueel geweld.
In dit licht is het een gemis dat in de mensenrechtennota het woord ‘gezin’ niet voorkomt.
Terwijl het gezin de hoeksteen is van iedere samenleving.
Het is bij uitstek de plaats waar ieder mens, elk individu, als het goed is tot zijn recht komt.
Artikel 16, lid 3 van de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens verwoordt dat als volgt: “The family is the natural and fundamental group unit of society and is entitled to protection by society and the State.”
En ook de Declaration of Family Rights van de World Organization of Families bevat prachtige artikelen over de waarde en noodzaak van stabiele gezinnen.

- Wat is de rol van het gezin in het Nederlandse mensenrechtenbeleid?
- Ziet de minister de noodzaak van gericht beleid om mensenrechten, waaronder kinderen, te beschermen binnen én door middel van het gezin waartoe zij behoren?

EHRM
Tot slot merk ik op dat het Europees Hof voor de Rechten van de Mens (EHRM) uitspraken doet die van invloed zijn op de beleidsvrijheid van de lidstaten.
Tegelijkertijd is het voor lidstaten mogelijk om in concrete geschillen te interveniëren, ook als Nederland zelf geen partij is bij het aanhangige geschil.

- In hoeverre maakt Nederland in zulke gevallen gebruik van de mogelijkheid om inderdaad te interveniëren ter ondersteuning van de nationale beleidsvrijheid?
- Kan dat anders, vaker of beter?